19-07-05

Komkommer


[media] Komkommertijd heet dat. In de zomer staat zowat de helft van de wereld op non-actief: bouwverlof, zomerregeling bij de NMBS, bij de bibliotheken aan de KU Leuven, bij Ter Zake, kortom, er worden ons weer heel wat geneugten ontzegd. Ook peterNET doet het wat rustiger aan, maar dat is meer uit tijdsgebrek dan wat anders. Edoch vreest niet: I will be back.
Ik begrijp het wel: iedereen heeft recht op verlof in een periode waarin de zon zou moeten schijnen. Een riskante onderneming in Belgenland. We werden de voorbije echter niet gespaard van onheil. In West-Vlaanderen, meer bepaald in mijn eigenste Kortemark, richtte het onweer bijzonder veel schade aan. De mensen die dicht bij de lokale beek wonen kregen de volle laag. De rioleringen konden het vele water niet slikken en dan zocht het maar een nietsontziende uitweg richting huizen. Dit waren uitzonderlijke omstandigheden en we mogen niet onmiddellijk met stenen gooien naar de occasionele zwarte pieten.
Maar goed, ik had het over vakantie. Wat me zo irriteert is de low key-aanpak van de VRT. Tijdens juli en augustus krijgen we geen Ter Zake, tenzij erge dingen gebeuren, zoals bomaanslagen in de Londense metro. Voor de rest geen duiding bij het nieuws van de dag. De dagelijkse portie Phara of Siegfried wordt vervangen door een langere reportage over één of andere problematiek. Allemaal goed en wel, maar meestal zijn het deprimerende berichten met de eeuwige William Van Laeken. Ik neem aan dat hij haast niets anders doet dan reportages dubben. Geen kwaad woord over de man, hij is er een vakman in en kent de materie, maar zijn toontje is zo belerend en angstwekkend dat je je vragen stelt bij de opportuniteit ervan. De situatie is inderdaad én hopeloos én ernstig, maar het discours van William Van Laeken geeft de indruk dat we zelfs geen poging meer moeten ondernemen om de grote problemen aan te pakken. We zouden beter massaal atoomschuilkelders bouwen en onze dagen kaartspelend veertig meter onder de grond doorbrengen. Niet? Geef mij ook in de zomer maar Phara, Frieda of Alain. De openbare omroep is dit aan de inwoners verplicht indien ze haar maatschappelijke taak wenst te vervullen.

21:36 Gepost door peterNET | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

01-07-05

Vijfenzeventig


[KU Leuven] Vandaag heb ik, als alles meevalt, mijn laatste examen aan de KU Leuven gehad, met name Paleografie II. Inderdaad, II, want het is de opvolger van Paleografie I, een vak uit de tweede kandidatuur moderne geschiedenis. In dit vak met de leuke naam bestuderen we oude geschriften. De eerste cursus hield het op gewoon lezen van oude en minder oude handschriften, terwijl ik vandaag een overzicht van de de evolutie van het schrift voorgeschoteld kreeg. Heel wat types volgden elkaar op: het Sumerisch, Egyptisch, Kretenzisch, Fenicisch, Grieks, Etruskisch, Romeins, Rune, Futhark, Ogham, Merovingisch, Zwabisch, Visigotisch, Longobardisch, Raetisch, Beneventijns, Karolingisch, Gothisch en humanistisch schrift passeerden achtereenvolgens de revue. En dan mogen we de tien subtypes van het Romeins schrift (allemaal beginnend met "capitalis ..."), de vijf van het Karolingisch, het tiental Gotische en de zes Humanistische geschriften niet vergeten. Telkens werd een onderscheid gemaakt tussen minuskel, majuskel, cursieve en diplomatische schriften... Ook de kanselarij van het Vaticaan hadden ze een eigen schrift. En dan weet u nog niets over de schriftsituatie in de zestiende, zeventiende, achttiende, negentiende en twintigste eeuw! Kortom, we hebben veel bijgeleerd en ik ben blij dat ik het acht uur na het examen nog eens kan opsommen. Het werd niet voor niets gememoriseerd.
In mijn keuzevakken heb ik heel wat hulpwetenschappen gekozen: archivistiek, gegevensverwerking van het historisch-filologisch onderzoek, paleografie II en historische geografie en cartografie, waardoor je een inzicht krijgt in hoe men in bepaalde subdisciplines te werk gaat. Paleografie leert je oude geschriften lezen, cartografie oude kaarten, historische geografie toont aan hoe de landschapsindeling evolueerde, kortom, je steekt er heel wat bij op. U ziet het: ik hou van mijn studierichting en ben enorm blij de kans te hebben gekregen om na een studie politieke wetenschappen nog eens drie jaar geschiedenis bij te studeren. Het waren misschien wel de drie interessantste jaren van mijn leven. Okee, het is nog niet gedaan, aangezien mijn thesis nog niet af is, maar ook daar is het eind in zicht. Tijd om na het vermoedelijk laatste examen een balans op te maken. In mijn ganse Leuvense 'carrière' heb ik 75 vakken moeten blokken, het een met meer succes dan het ander. Over het algemeen waren de punten bescheiden, maar we zijn er, behalve het eerste jaar pol en soc, telkens doorgekomen. Dat bracht me na verloop van tijd in het reine met mijn geweten, want ik ben me er maar al te vaak van bewust wat voor privilege het is om zolang te mogen studeren, waarvoor ik mijn ouders eeuwig dankbaar ben.
Was geschiedenis interessanter dan politieke wetenschappen? Naar mijn bescheiden mening wel, maar dat berust op een puur persoonlijk aanvoelen. Ik heb er in die drie jaar een echte passie voor geschiedenis ontwikkeld, niet in het minst omdat een aantal proffen ons konden warm maken voor hun vak, net omdat ze er zelf zo gepassioneerd door waren. Ook mijn aangeboren extreme nieuwsgierigheid heeft daarmee te maken. Toch heeft ook de faculteit sociale wetenschappen van de KU Leuven een bijzondere waarde. Heel wat van haar (politiek-)sociologisch onderzoek is de maatschappij van nut. Ik blijf dus achter mijn studiekeuzes staan. Sommige mensen opperden dat ze niet specifiek op de arbeidsmarkt gericht zijn. Dat kan zijn, maar ik vind dat je ook met diploma's uit minder sexy of prestigieuze studierichtingen een kans maakt. Dé kracht van politieke wetenschappen en geschiedenis is het verruimen van je geest, het in een context plaatsen van maatschappelijke fenomenen. De eerste bekijkt de zaak vanuit een pragmatisch-actueel standpunt, terwijl de andere de historische wortels van diezelfde fenomenen als belangrijkste verklaringsfactor onderstreept. Beiden hebben hun eigen waarde en zijn mijns inziens complementair, hoewel ze vaak als een antagonisme worden voorgesteld. Voor historici hoort het niet om algemene wetten te formuleren zoals sociale wetenschappers dat doen. Daar ga ik niet mee akkoord. De sociale wetenschappen zijn een waardevolle hulpwetenschap om historisch onderzoek te staven. De redenering geldt ook andersom: maatschappelijke fenomenen kunnen niet verklaard worden indien we er de historische achtergrond niet van weten. In die zin is geschiedenis evenzeer een noodzakelijke hulpwetenschap van de sociale wetenschappen. Een integratie van beide disciplines is voor beiden meer dan verrijkend. Op die manier motiveer ik ook mijn keuze voor een studie geschiedenis na politieke wetenschappen, want velen stellen zich hier vragen bij.
Maar goed, moraal van het verhaal is het feit dat mijn studententijd hier eindigt. De overgang naar het professionele leven zal een aanpassing zijn, maar that's life en het zou arrogant zijn om hierover te zeuren. Het is mooi geweest, ik heb niets om over te klagen en heb bijzonder veel bijgeleerd. Wat moet een mens meer hebben om gelukkig te zijn?

00:17 Gepost door peterNET | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |